De binnenstad van Deventer bezit een grote historische gelaagdheid: van middeleeuwse bebouwing tot meer recente, naoorlogse bebouwing die het gevolg was van oorlogsschade en latere saneringen. Deze naoorlogse laag is van niet geringe omvang.
Tegenwoordig worstelt de gemeente Deventer met de vraag hoe deze jonge historische laag moet worden gezien – als verstoring van het historische beeld die vraagt om correctie, of juist als een verrijking van de stedelijke diversiteit die vraagt om continuïteit? De sleets geraakte naoorlogse architectuur en stedenbouw zijn zonder twijfel aan een herziening toe, maar zouden ze ook het uitgangspunt voor de herontwikkelingsplannen moeten vormen?
De gemeente vroeg SteenhuisMeurs voor het opstellen van een cultuurhistorische verkenning van enkele cruciale punten in de binnenstad waar de naoorlogse laag zich het meest manifesteert: het Broederenplein, Stromarkt en Lamme van Dieseplein, Groot Kerkhof en Nieuwe Markt, en het Sluiskwartier. Doel was een waardering te formuleren over de bestaande situaties van deze vier locaties. Hoofdvraag: hoe moet het naoorlogse architectonisch en stedenbouwkundig erfgoed op zijn waarde geschat worden? Welke objecten en plekken zijn het waard te koesteren? Waar is het noodzakelijk in te grijpen? Op welke plekken kan de eventuele transformatie zich het beste voltrekken?
Deze vraag drong zich op toen de gemeente aan de slag ging met herontwikkelingsplannen (de Visie Binnenstad-Zuid 2009) voor de vier genoemde binnenstedelijke locaties Broederenplein, Stromarkt en Lamme van Dieseplein, Groot Kerkhof en Nieuwe Markt, en het Sluiskwartier, locaties die in het verleden te maken hebben gehad met naoorlogse ingrepen en toevoegingen. Per gebied is de ontstaansgeschiedenis beschreven, de ruimtelijke ontwikkeling geanalyseerd en een waardering voor een aantal beeldbepalende panden opgemaakt.
De binnenstad van Deventer vertoont op verschillende plekken zowel functioneel als architectonisch een grote diversiteit: er is een harmonieuze nevenschikking van middeleeuwse architectuur, wederopbouw- en stadsvernieuwingsprojecten en hedendaagse architectuur. De naoorlogse architectuur is alom aanwezig in de stad, maar heeft geen zeer verstorend effect op het historisch beeld gehad.
Het onderzoek komt met concrete aanbevelingen voor het optimaal benutten en inzetten van de bestaande kwaliteiten van de naoorlogse laag voor de toekomst. De verkenning fungeert voor het gemeentebestuur als leidraad bij een herziening van het bestemmingsplan voor de binnenstad en andere beleidsdocumenten. In de vervolgfase zal een cultuurhistorische verkenning voor de binnenstad als geheel worden opgesteld, ter inspiratie en als kader voor vernieuwing van het ruimtelijke beleid en het monumentenbeleid. |